Voorpret

Door Ruud

Yes! Ik heb het ideale appartement in het leukste skigebied gevonden. Met dat tevreden gevoel zit ik op de bank. Dat mag ook wel: ik heb tenslotte al drie avonden zitten surfen en me in toenemende mate zitten ergeren. Hoe is het toch mogelijk dat er op alle Unterkünfte, Hébergements of Alloggi iets aan te merken is?

Trouwens, op alle skigebieden óók. En Europa ligt toch vol skigebieden, keuze zat, zou je denken. Maar het ene gebied was te ver, het andere niet sneeuwzeker genoeg. Het derde te klein, het vierde te massaal. Toen ik echt een leuk gebied had, las ik overal dat er veel te veel vlakke paden zijn. Dat vindt snowboardende dochterlief niet fijn. In weer een ander dorp kun je niet in het Nederlands lessen, dat is weer niet leuk voor de jongste. En dan zijn er nog wat topgebieden waar we zo voor zouden intekenen, maar dat vindt onze vakantieportemonnee dan weer niet oké. Dan had je nog een gebied met teveel sleepliften en een skiparadijs waar de liften niet goed op elkaar aansluiten zodat je stukjes met de bus moet. Het ene na het andere gebied was al afgestreept op mijn lijstje.

“Maar ja”, zit ik in mezelf te zuchten; “wat wil je ook als je met de wensen van het hele gezin rekening moet houden?” En o, ik heb geen poot om op te staan, ik weet het.

“Jij gaat al meerdere keren per jaar je ding doen” roepen ze als ik mopper. “Nu zijn wij aan de beurt”. En gelijk hebben ze.

Maar wie zit er drie avonden te zoeken? “Ik”, zei de gek. “Ja, maar voor jou is het voorpret”, zeggen mijn huisgenoten dan.

En ja, dat klopt; ik vind weinig zo leuk als wintersportsites te besurfen. Maar dan kan je toch nog ontmoedigd raken. Gelukkig is het ook nu weer gelukt. We hebben een top drie waar het hele gezin heen wil. Oef!

Maar dan komt de volgende hobbel; waar gaan we slapen? Met het wensenlijstje van alle gezinsleden in het hoofd heb ik alle overnachtingsgelegenheden van de drie gebieden aan me voorbij zien trekken. Ik heb een lijst gemaakt van geschikte appartementen, huizen, hotels en pensions. Wel wetende dat dit lijstje zienderogen gaat krimpen.

“Ieuw”, zegt dochterlief, “Wat een ouwe zooi en die keuken!”, “Daar is geen WiFi, dus die valt af”, meldt zoon gedecideerd. “Is dat nou niet te ver van de gondel?”, vraagt mijn vrouw zuinigjes. Waarmee ze bedoelt: die doen we niet, want die is te ver van de gondel.

Maar uiteindelijk is ook deze hobbel weer genomen. We hebben wel vier huizen, twee appartementen en één hotel waar we allemaal wel heen willen. Hoewel de jongste bij het hotel wel zo zijn bedenkingen heeft: “Moet je daar eten wat de pot schaft?”

Op de shortlist staat één huis dat ons aller favoriet is: groot, mooi, vlak bij de lift en nog betaalbaar ook. Het is beschikbaar in “onze” week. Ik mail om het te reserveren.

”Dáár gaan we heen”, zegt mijn jongste verlekkerd tegen het vriendje dat bij ons speelt.

De volgende avond zie ik het antwoord in de mail verschijnen: “Sorry, maar het huis is helaas niet beschikbaar”. Hadden ze de beschikbaarheid op de site nog niet bijgewerkt! Balen! Snel mail ik de andere locaties op ons lijstje. Na drie dagen is het duidelijk: alles is vol. Terug naar de tekentafel.

Zucht. Daar zit ik weer met mijn tablet op de bank. “Ik vind het toch altijd zo leuk dat jij daar zoveel plezier in hebt”, zegt mijn vrouw ietwat vertederd. “Vind je het niet heerlijk, al die voorpret?”

“Ja hoor, helemaal top”, brom ik.