Pitztal, op het dak van Tirol

Door Hans

Het gebied heeft de hoogste gletsjer van Tirol en minstens tachtig procent van alle pistes ligt boven de tweeduizend meter. Toch ontbreekt het familievriendelijke Pitztal vaak op lijstjes met sneeuwzekere bestemmingen. En dat is vreemd. Tijd voor een paar dagen hoog, hoger, hoogst met kinderen: "Cool pap!"

Het futuristisch vormgegeven Café 3.440 balanceert op een rotspunt boven de gletsjerwereld van het Pitztal. Hoger kun je hier niet, alleen omlaag. Jongste dochter vraagt of het een ufo is, jongste zoon schudt zijn hoofd. Vanaf het terras kijken ze met open mond naar het uitzicht op de wereld van sneeuw, ijs en meer dan vijftig drieduizenders.

Nee, we zeggen er verder niets over. Gebruik je fantasie, doe dat in het kwadraat en bedenk dat de werkelijkheid nóg veel mooier is. En nu we toch met de ‘goednieuwsshow’ bezig zijn: er wordt uitstekende koffie met taart geserveerd. Huisgemaakt door Konditormeister Norbert en zijn dochters Stefanie en Sandra.

Het open landschap van het gletsjerskigebied

In de vitrine ziet alles er even lekker uit: Schneetorte, Fruchtjoghurttorte, Sachertorte, Topfenstrudel, Gletschereistorte. Op drukke dagen gaat er 25 meter apfelstrudel over de toonbank. Allemaal vers. Als we even later een plaatsje hebben gevonden op een van de spectaculairste terrassen van de Alpen, slaat de bergwereld een arm om ons heen. "Pap, zijn dat skiërs daar beneden?", vraagt jongste zoon. "Die stipjes?", omschrijft jongste dochter vertwijfeld. "Dat kan niet, ja tóch, kijk, ze bewegen!"

Niet veel later skiën we zelf over de brede afdaling omlaag. We maken heerlijke luie bochten tussen Mittagskogel en Hinterer Brunnenkogel. Volgens het kaartje beschikt de gletsjer in totaal over slechts twintig kilometer piste, maar het gebied voelt vele malen groter. En als we de kinderen naar hun gletsjergevoel vragen, blijkt de spanning van de ochtend – ze konden zich er toen maar moeilijk een voorstelling van maken – geheel verdwenen. "Oh ja, dit is een gletsjer. Nou, daar merk je niks van, er ligt gewoon veel goede sneeuw."

Gletsjergevoel
Goede sneeuw. Het is de reden dat het druk is bij het treintje, dat ons binnen vijf minuten vanuit het hoteldorp Mandarfen naar het gletsjergebied op 2.840 meter hoogte brengt. Op de berg is het grote aantal skiërs en snowboarders echter nauwelijks merkbaar. Er is ruimte voor iedereen. De kinderen hebben al snel het snowpark en de boardercross ontdekt. Ze gaan er geconcentreerd doorheen. En willen dan nog een keer. En nog een keer. Tot langzaam maar zeker ook het gletsjergevoel begint door te dringen. "Dus eigenlijk skiën we hier op het ijs?", "Krakken we daar dan niet doorheen ?", "Een gletsjer beweegt toch?", "Kun je dat voelen als we even héél stil blijven staan?"

Een gletsjer vraagt om extra voorzichtigheid

Nee dus. Het is ondanks de klimaatverandering en een schrikbarend verlies van volume nog altijd imposant hoe zo’n massa ijs tussen de bergen ligt. ’s Zomers extra beschermd met folie om het zonlicht te weerkaatsen en het smelten af te remmen. Hoewel het skigebied hier boven bescheiden van formaat is, gaat het absoluut niet vervelen. Bovendien wordt er gewerkt aan een verbinding met het Ötztal, die binnen één tot twee jaar gereed moet zijn. Tot die tijd kun je beneden in Mandarfen wel de oversteek maken naar de hellingen van Rifflsee, die onder dezelfde skipas vallen. Dit gebied ligt rondom de 2.800 meter hoge Grubenkopf en biedt nog eens twintig kilometer piste. Freeriders en families delen gemoedelijk de stoeltjesliften. De één gaat op zoek naar poeder in de vrije natuur, de ander kiest voor de fraaie blauwe dalafdaling langs één van de leukste skihutten van de regio: de Taschach Alm. De boerenfamilie Geiger produceert er zelf kaas. "De kracht van bergkaas is zijn unieke smaak", legt zoon Wolfgang uit. "Daar moet je zo min mogelijk over praten, die moet je proeven!"

Terug op de top van Grubenkopf kijken we uit op de Geigenkamm aan de overkant van het Pitztal met pieken als Fundusfeiler (3.079 m), Luibiskogel (3.110 m) en Hohe Geige (3.393 m). Heel even blijven we staan om het landschap in ons op te nemen. En dan: schoenen vast en afdalen. Met wonderschoon uitzicht op het besneeuwde bergmeer.

"Vet hè", zegt jongste zoon. "Zullen we nog één keer. Kan dat nog? Halen we dan de laatste lift voor de dalafdaling?"

Groene stroom
Het is een foeilelijke wand met 3.504 zonnepanelen, daar op de Pitztaler Gletsjer. Maar hij is wél goed voor het milieu. Door de hoge ligging levert de installatie veertig procent meer energie dan in het dal: 1.450.000 kWh per jaar. Dat is ongeveer gelijk aan de behoefte van vijfhonderd huishoudens. Hiermee wordt een uitstoot van 510.000 kilo CO2 bespaard, normaal gesproken de footprint van honderdzestig personen.

Vol gas door het fijne park

Alpenden
Onze standplaats Mandarfen is een beetje een buitenbeentje in het Pitztal. Het is een hoteldorp dat vooral comfortabel gelegen is bij de liften naar de gletsjer en Rifflsee. Het bespaart in ieder geval een boel op en neer rijden. De rest van het langgerekte dal ademt echter nog volop de charme van weleer. Dat geldt ook voor het skigebied van morgen, Hochzeiger. De karakteristieke sfeer is vooral te danken aan de geïsoleerde ligging. Tot in de jaren vijftig hield de verharde weg halverwege het dal op en pas in 1983 (!) kwam met de bouw van een nieuwe brug een einde aan de lastige toegangsroute. Rijdend door het dal is de trage opmars van de eenentwintigste eeuw te zien aan de gehuchten, dorpen en huizen.

"Mam, denk je dat er in dat huisje nog mensen wonen?", vraagt jongste dochter als we langs een houten boerderij in Weixmannstall komen. "Pap, hoe kunnen die mensen ’s winters bij hun huizen komen", vraagt jongste zoon, wijzend naar het almgehucht Egg hoog boven het dal. Het zegt iets over de bewaarde puurheid van het Pitztal. En hoe dieper je het dal in gaat, hoe eenvoudiger de dorpen worden en hoe wilder de natuur. Er zijn bergmeren waar je van het kristalheldere water kunt drinken, watervallen die wild omlaag kletteren en een mysterieus moeras met winterwandelweg.

"Kijk eens wat een gekke boom", zeggen de kinderen plotseling in koor. En verhip, daar staat een Zirbe of alpenden, een uitzonderlijke boom die zo taai is dat hij zelfs blikseminslag kan overleven. De boom groeit dan gewoon op een niet aangetast stukje van de stam verder. Vandaar de soms nogal vreemde vormen. "Het is een magische boom", zegt houtvester Sepp. "Je komt ze pas op hoogtes vanaf 1.800 meter tegen en ze kunnen wel drie- tot vijfhonderd jaar oud worden. Maar ze groeien langzaam. Een Zirbe van tien jaar oud is ongeveer tien centimeter groot."

Het hout wordt gebruikt voor meubels en het maken van gezonde druppels. Slapen in de geur van de alpenden betekent dat je hart per nacht 3.500 slagen minder maakt – wetenschappelijk bewezen door de universiteit van Innsbruck. "Je wordt er slapend gezond van", lacht Sepp.

Gemixt wintersportplezier
Met de auto naar Hochzeiger, na de gletsjer en Rifflsee het derde skigebied van het Pitztal. De weg voert vanuit Wenns (979 meter) steil bergop naar het vertrekpunt van de gondel op 1.450 meter. De meeste pistes liggen echter nog wat hoger, boven de 2.000 meter. Over hoog, hoger, hoogst gesproken. Vandaag dansen de wolken om de bergtoppen. Het ene moment is er uitzicht, het volgende zit de wereld potdicht.

Het gehucht Zaunhof verheft zich iets boven het dal, FOTO TVB Pitztal

Ondanks de moeilijke omstandigheden zijn we meteen fan van Hochzeiger. Goed, met veertig kilometer piste is het misschien niet zo groot, maar het klopt van A tot Z. De afdalingen zijn gevarieerd, de sfeer is gemoedelijk, het uitzicht bij mooi weer groots en er zijn leuke adressen zoals Tanzalm, Stalderhütte en Hochzeiger Haus om aan te leggen voor een lunch met Kaiserschmarren.

Geen wonder dat dit het belangrijkste skigebied voor families is. Jongste dochter heeft dat ongemerkt aangevoeld en gaat plotseling voorop. "Kijk pap, mam, ik ben de TomTom. Ski maar achter mij aan." De namen van de pistes vertellen het verhaal: Zirben-abfahrt, Panorama-abfahrt, Kanonenrohr-abfahrt. Ooit maakten ook Marlies Schild en Benni Raich hier heel wat meters. Met acht olympische medailles, zeventien wk-medailles, twaalf wereldbekers en 73 individuele overwinningen vormen de twee Pitztalers het meest succesvolle ski-echtpaar ter wereld. 

Hochzeiger biedt een heerlijk mix van skiën boven de boomgrens en skiën in het bos. Met als bekroning – bij goede condities – een dalafdaling over een brede alm vol oude houten hutten. Dan is het skigebied plotseling goed voor ruim duizend hoogtemeters. Niet verkeerd. En ook de niet-wintersporters komen er aan hun trekken op de rodelbaan, het winterwandelpad en de houten relaxbanken. Die laatste zijn trouwens ook onder skiërs geliefd. "Pauze pap, stoppen mam, even chillen." Ondertussen heeft jongste zoon op de kaart iets ontdekt: de Zirbenfall Abfahrt. Met stukken met een hellingsgraad van tachtig procent is dit naar verluid de steilste piste van heel Oostenrijk. En dat wil hij weleens zien. Dus laten we de meisjes achter bij warme chocolade in de glazen serre van het heerlijke Zeiger Restaurant en maken wij vaart naar het vertrekpunt Sechszeiger.

Jongste zoon heeft de inschatting snel gemaakt: "Die kan ik wel." Dus beginnen we samen aan de uitdaging. Eenmaal staand op deze macho-helling valt de hellingsgraad eigenlijk best mee. Vanaf boven zag het er spannender uit. Eigenlijk skiën we vrij eenvoudig naar beneden. Pas bij het dalstation, als de adrenaline een beetje is gezakt, betalen we de tol. "Oei pap, ik denk dat ik morgen spierpijn heb."

Geïsoleerd tot 1983
Tot diep in de twintigste eeuw stopte de verharde weg door het Pitztal halverwege, bij het pension Haus Schön in Jerzens. Het heeft de ontwikkeling van het dal lang dwars gezeten. Destijds tot ergernis van de bewoners, tegenwoordig vooral tot hun genoegen omdat het Pitztal hierdoor haar charmante karakter heeft behouden. Het duurde overigens nog tot 1983 voor het dal, dankzij een nieuw brug bij Imst, écht goed bereikbaar werd.

Hoog, hoger!