De lawineschaal uitgelegd

Door Rogier

Het is een gevaarlijke winter. In Zwitserland zijn al bijna evenveel mensen overleden door lawines als normaal in een heel seizoen. In Frankrijk verliep de kerstvakantie ook dramatisch. De reden: een zeer onstabiel sneeuwdek. Dit vanwege de veel te droge herfst. Gidsen, lawinedeskundigen, wintersportmedia en gewone media waarschuwen voor gevaarlijke condities. Want het lawinegevaar is hoog. Toch zeggen veel mensen dat het wel mee lijkt te vallen als je naar het lawinecijfer kijkt. Hier wordt een gevaarlijke denkfout gemaakt die elk jaar voor onnodige slachtoffers zorgt. Daarom bij deze uitgelegd hoe de lawineschaal precies in elkaar zit.

De lawineschaal
De lawineschaal, het lawinecijfer, bestaat uit de cijfers 1 tot en met 5. Waarbij 1 het minste gevaar inhoud en 5 het hoogste gevaar. Er bestaat geen gevaar 0 in off-piste en besneeuwd terrein, want er is altijd een kans op lawines. Dit jaar is daar een duidelijk voorbeeld van. Er waren namelijk twee dodelijke lawines tijdens ‘gevaar 1’. De officiële uitleg geeft al een heel goed idee van wat welk cijfer precies inhoud.

De Europese lawineschaal

1= klein
Het sneeuwdek is over het algemeen stabiel op de meeste bergwanden. Lawines zullen alleen voorkomen bij extreme druk op het sneeuwpak en dan alleen in zeer steile hellingen. De kans op grote lawines is heel klein.

2= matig
In sommige hellingen is het sneeuwdek onstabiel. De kans op het loskomen van een lawine is relatief klein en bestaat alleen bij sterke overbelasting op steile bergwanden. De kans op grote spontane lawines is zeer gering.

3= aanzienlijk
Op veel hellingen is het sneeuwdek matig tot slecht gestabiliseerd. De kans dat men een lawine veroorzaakt is groot. Een lichte belasting op het sneeuwdek is vaak voldoende om een lawine in beweging te zetten. Spontane, middelgrote lawines zijn mogelijk.

4= hoog
De sneeuw is onstabiel. Veel hellingen zijn zeer gevaarlijk, dus de kans op het 'triggeren' van een lawine is zeer groot. In principe zijn alle hellingen gevaarlijk. Grote lawines, al dan niet spontaan, zijn mogelijk.

5= extreem
Het sneeuwdek is extreem slecht gestabiliseerd. Grote, zelfs catastrofale lawines zijn mogelijk, ook op minder steile hellingen. Bebouwing, dorpen en wegen lopen gevaar. Skigebieden en bergwegen worden preventief gesloten.

Belangrijk om te begrijpen is dat deze lijst exponentieel is. Dat wil zeggen: gevaar 2 is twee keer zo gevaarlijk als gevaar 1 en gevaar 3 is twee keer zo gevaarlijk als gevaar 2. Hiermee is dus duidelijk te zien hoe gevaarlijk bijvoorbeeld lawinegevaar 3 is.

Naast het cijfer wordt in het lawinebulletin ook aangegeven waar het grootste gevaar is en op welk type lawine je het meest moet letten. Zo behoor je je anders te gedragen als er lawinecijfer 3 is afgegeven voor koude sneeuw dan als dit wordt afgegeven voor natte sneeuwlawines. Ook worden vaak de hellingen aangegeven waar het hoogste lawinegevaar is. Met al deze informatie is een verstandige planning te maken.

Veel gemaakte fout
Lawinegevaar 4 en 5 worden door iedereen gezien als zeer gevaarlijk. Ook omdat deze cijfers vaak niet heel lang blijven staan. Je hebt bijvoorbeeld zelden een week lang lawinegevaar 4. En als je dat wel hebt dan staat de media er in de bergen vol mee. Dat dit gevaar niet lang blijft staan komt vooral omdat de kans op spontane lawines vaak redelijk snel afneemt als het eventjes niet meer gesneeuwd heeft. Maar lawinegevaar 3 blijft soms wel weken achtereen staan. In de Franse Zuid Alpen is het al sinds 19 december 3 of 4. Op het moment dat het lawinegevaar 3 is hoor ik veel (vooral locals) zeggen, “oh het valt wel mee, het is slechts gevaar drie”. Maar als we dan de vertaling van dit cijfer erbij pakken dan is het meteen duidelijk dat 3 zeer linke soep is.

Ik herhaal hem nog even:

3= aanzienlijk
Op veel hellingen is het sneeuwdek matig tot slecht gestabiliseerd. De kans dat men een lawine veroorzaakt is groot. Een lichte belasting op het sneeuwdek is vaak voldoende om een lawine in beweging te zetten. Spontane, middelgrote lawines zijn mogelijk.

Kort samengevat: zeer grote kans op getriggerde lawines. En zelfs kans op spontane lawines. Lawinegevaar 3 heeft dan ook de twijfelachtige eer elk jaar voor de meeste doden te zorgen. Ook omdat lawinegevaar drie kan blijven bestaan (of weer ontstaan) als het al dagen (of weken) niet meer gesneeuwd heeft denken veel wintersporters dat het wel meevalt. Niets is minder waar.

Welk lawinecijfer is ‘veilig’
Heel simpel: geen één. In off-piste terrein is er altijd een lawinegevaar. Maar met goede kennis en slim routezoeken, het uitkiezen van de goede hellingen en ‘nee’ durven zeggen boven een helling is vaak veilig te skiën. Maar dan moet je wel weten wat je doet. Het beste is daarom om met een berggids op stap te gaan. Zorg dat je goed geschoold de sneeuw in gaat.

Zelfs met lawinegevaar 1 of 2 kunnen bepaalde hellingen zeer gevaarlijk zijn. Ook is het verstandig om zelf je ogen open te houden. Het gebeurt namelijk ook regelmatig dat het lawinebulletin het gevaar te laag inschat. Sommige hellingen zijn soms veel gevaarlijker dan het lawinebulletin je doet geloven. Logisch want de lawine-experts kunnen niet elke helling testen.

Dus het kan zomaar gebeuren dat je tijdens een lawinestufe 1 of 2 in een zeer gevaarlijke helling kunt komen.

Kortom
Het is belangrijk om te onthouden dat lawinegevaar 3 zeer gevaarlijk is. Slechts zeer ervaren off-piste wintersporters met veel sneeuwkennis kunnen veilig skiën in boarden in deze stufe. Heb je niet veel ervaring, neem dan een gediplomeerde berggids in de hand. Verder is het ook goed te onthouden dat off-piste altijd lawinegevaar inhoudt. Dus ook met lawinegevaar 1 en 2 is het heel erg oppassen. Maar met deze stufe kan er meer geskied worden en hoef je minder expert te zijn om veilig op pad te kunnen. Echter de basiskennis is altijd van levensbelang, anders speel je Russisch roulette welk lawinecijer het ook is.