Opleiding tot Nederlands Snowsports Leraar

Door Ruud

“Je Anwärter halen”. Dat heeft voor velen een magische klank. Het roept beelden op van seizoenen in de sneeuw in het alle deuren openende skileraarpak, van geld verdienen met je grootste hobby en van cruisen op de piste met zo’n slangetje leergierige wintersporters achter je aan. Want zeg nou zelf:  Wat is er mooier dan je wintersportpassie overbrengen op anderen? Maar hoe kom je eigenlijk aan dat felbegeerde papiertje?

Dat kan op een aantal verschillende manieren. Eén van de manieren is het via de Snowsports Academy in twee etappes doen; eerst deel 1 op de baan in Nederland en dan deel 2 in Oostenrijk. Het voordeel van deze aanpak is dat het opleidingsdeel in Oostenrijk minder lang duurt (namelijk maar 6 dagen) en dat deel 1 je na 5 dagen het diploma van Nederlands Snowsports Leraar oplevert, waarmee je in Nederland kunt lesgeven op de baan. Ik ging in augustus eens kijken in Landgraaf hoe zo’n NSL –opleiding verloopt.

Terwijl het buiten volop zomerde begonnen zo’n 30 wintersportfanaten (20 skiërs en 10 snowboarders) aan de eerste stap van hun opleiding tot snowsportleraar. Zoals de naam al zegt is het NSL-diploma alleen in Nederland erkend. Dat geldt uiteraard niet voor deel 2; de Anwärter is een in Oostenrijk erkend diploma dat wordt afgegeven door één van de Oostenrijkse Skiverbanden. Een Skiverband is eigenlijk een vereniging die van de Oostenrijkse overheid het recht heeft gekregen opleidingen te verzorgen en wintersportdiploma’s uit te geven. Snowsports Academy verzorgt de opleiding in samenwerking met het Wiener Ski- und Snowboardlehrer Verband. Dat betekent dat ook de NSL al helemaal in het Duits wordt gegeven en ook regelmatig door Oostenrijkse instructeurs.

Dat de opleiding Duitstalig is, blijkt in de praktijk niet zo’n struikelblok te zijn. Natuurlijk is het lang niet alle cursisten gegeven in vloeiend Duits te communiceren, maar na een paar dagen ben je er zo aan gewend dat het je niet meer opvalt dat ze Duits tegen je spreken. Ongemerkt wordt je ondergedompeld in de vaktaal die je nu eenmaal toch nodig hebt; na drie dagen hebben de “Vor-hoch-einwartsbewegung” en het “Alpines Fahrverhalten” geen geheimen meer voor je. En ook het praten gaat je steeds makkelijker af. Ook het cursusmateriaal is in het Duits: je krijgt een boek waaruit de NSL maar een deel behandelt, de rest krijg je bij de Anwärter.

Na afloop van de opleidingsdagen was mijn conclusie dat het zeer leerzame en intensieve dagen waren geweest. Je staat iedere dag vele uren op de baan, krijgt daarnaast nog een uren theorie en moet dan eigenlijk ’s avonds nog aan de studie. Tussendoor heb je tijd om te eten, maar ook niet veel meer dan dat. Dat duurt zo vier dagen. Dagen waarin je op de baan steeds meer getraind wordt in het zogenaamde Schule fahren, oftewel “schools skiën” Het is tenslotte de bedoeling dat je het je cursisten later heel goed gaat voordoen en dus moeten de bewegingen juist ingeslepen worden. Door het oefenen ga je goed begrijpen wat een beweging (een bocht bijvoorbeeld) inhoudt. Daardoor leer je je eigen en andermans skiën analyseren. Ik zag en merkte dat we daar absoluut beter van gingen skiën.

Op dag vijf doe je examen voor je theorie en je praktijk. De theorie betreft vier vakken: Unterrichtslehre (hoe bouw ik mijn les op?), Bewegungslehre (wat zijn precies de fases van een bocht?), Kinderunterricht (hoe bouw ik mijn les op als ik kinderen lesgeef?) en Gerätekunde (hoe zit het skimateriaal in elkaar). Met een beetje studeren is het examen goed te maken. Het praktijkexamen is voor de meesten wat enger; je krijgt één kans om je drie routines te doen terwijl er twee beoordelaars staan te kijken. Je weet dat ze punten staan te geven en dat je voor ieder onderdeel (Pflug, Carven Grundstufe en Kurze Radien) minimaal 50 punten moet halen.

Na het examen mochten we eindelijk even vrij skiën. Even de spanning eruit. Aan het eind van de middag blijkt dat bijna iedereen in de groep geslaagd is voor praktijk en theorie. Een heel mooi –en bovengemiddeld- resultaat en een goede uitgangspositie voor de volgende stap;  NSL 2. Dit is een weekeinde, altijd een paar weken na de NSL-week georganiseerd, waarin je daadwerkelijk een les moet geven. Daar oefen je al mee tijdens de NSL dagen, maar in het NSL 2 weekend geef je als het ware je proeve van bekwaamheid. Bovendien kun je tijdens die dagen eventueel onderdelen herkansen die je bij de NSL niet hebt gehaald.

Als je beide delen van de NSL met goed gevolgd hebt afgelegd, kun je op de baan in Nederland en België aan de slag als skileraar. Maar niemand van de groep die ik volgde was van plan het bij de NSL te laten. Iedereen stond te popelen om zich richting Oostenrijk te begeven. Op naar de Anwärter!